WORTELSOEP MET GEMBER EN KOKOS

kokos, soep, veganistische recepten, wortel

Het is vast opgevallen dat ik erg veel van soep houd. En van eenpansmaaltijden. Ik kook ook weleens ingewikkelder en uitgebreider maar ik was dit blog juist begonnen om te laten zien dat veganistisch eten helemaal niet ingewikkeld of duur hoeft te zijn. Ik heb natuurlijk het geluk  dat wij een moestuin hebben, maar ook zonder moestuin zijn mijn recepten makkelijk, (meestal) heel snel en niet duur.

We gingen vanochtend dus even naar de tuin. Veel is er niet te doen, al moet er nog een heel stuk gespit worden. Verder staat alles een beetje stil, vooral nu er al een paar nachten  vorst was. De wortels en de bieten liggen veilig in de kuil te wachten tot we ze komen halen. Prei en boerenkool groeit gewoon door ondanks  de vorst en de witlof ligt waarschijnlijk te slapen; het zal nog wel een tijdje duren voor we die stronkjes uit  kunnen graven. Enfin, we hebben ruim twee kilo wortels uit de kuil gehaald (zie foto’s) en mee naar huis genomen. Ik heb een kilo gebruikt voor deze soep en de rest zal in de komende week door diverse recepten gaan. Ongetwijfeld zal ik er ook één of twee rauw naar binnen knagen want ik ben echt dol op  winterwortel!

WORTELSOEP MET GEMBER

ingrediënten:

1 kilo winterwortels

30 gram verse gember

15 gram verse kurkuma (of twee theelepels poeder; kurkuma=geelwortel)

1 theelepel grof gemalen peper (ik gebruikte sambalpeper maar je  kunt ook zwarte peper of sezchuanpeper gebruiken)

350 ml kokosmelk (Alpro)

350 ml water (ik gebruikte het kookwater van de kikkererwten maar je kunt ook gewoon kraanwater gebruiken)

250 ml kokosroom (ik gebruikte een pakje van Go-Tan)

2 groentebouillonblokjes

250 gram kikkererwten (gekookt of uit een potje)

Snijd de wortel in stukjes en kook ze met de gember en de kurkuma en de peper in de kokosmelk en het water goed gaar (ongeveer 10 minuten koken). Haal het door de blender (of gebruik een staafmixer). Zet het terug op  een klein vuur en voeg de kokosroom, de kikkererwten en de bouillonblokjes toe. Breng opnieuw aan de kook en laat een minuut of tien op een laag vuurtje aan elkaar wennen. Smakelijk eten en bedenk: de soep wordt nooit zo heet gegeten als ze wordt opgediend!

HETE BLIKSEM UIT DE TAJINE

aardappel, appel, moestuin, ovenschotel, salade, tajine, veganistische recepten, venkel

Ik gebruik heel graag en heel vaak een tajine. Volgens mij staan er op dit blog  ook al een aantal recepten voor de tajine. De eerste tajine die ik had, heeft het vrij lang volgehouden maar op een dag was de zwaartekracht mij toch te snel af en is de bodem gebroken en omdat je  aan een deksel alleen niet zoveel hebt, kocht ik meteen een nieuwe. De  nieuwe stond enige tijd ongebruikt  in de kast en toen ik hem weer eens gebruikte, heb ik hem blijkbaar niet goed  voorbereid op het gebruik en is ‘ie gebarsten terwijl ‘ie op  het vuur stond. Dat gaf een hoop rotzooi en de ellende van wéér een nieuwe tajine uitzoeken. Nu heb ik inmiddels twee tajines (zie foto), niet omdat ik niet kon kiezen maar omdat de één op  het vuur  en de ander in de oven kan. De eerstgenoemde (rechts) kan ook in de oven maar de laatstgenoemde kan niet op het vuur. Nu zal ik iedere keer dat ik de tajine gebruik deze van te voren vullen met water en zo een paar uur wegzetten want ik heb begrepen dat dat helpt tegen het barsten. Ik begrijp niet zo goed waarom maar als het helpt, vind ik het prima! Je moet alleen al uren van tevoren bedenken dat je met de tajine wil koken 😉

Hete bliksem is echt van dat ouderwetse wintereten; ik ben er dol op! Aardappels, uien en appels zijn een prachtige combinatie.  In de tajine klaargemaakt, smaakt het als vanouds maar de structuur van de aardappels, de appels en de ui blijft veel beter bewaard. In plaats van een soort puree met klontjes, krijg je een prachtige schotel met een lekkere bite. Ongetwijfeld werkt dit recept ook met een ovenschotel met een deksel of een römertopf maar ik heb  het niet geprobeerd dus ik durf het niet aan te raden. Trouwens een tajine ziet er ook nog eens mooi uit; in de kast én op  tafel 😉

Ik serveerde ernaast een salade van venkel met meloen en kappertjes, een heerlijke combinatie van fris, zout en zoet. De meloen had ik toevallig in huis  omdat het een aanbieding was bij de Ekoplaza maar die kan net zo gemakkelijk vervangen worden door een appel of een stukje ananas (eventueel uit blik). Ik wens u allen veel plezier in de keuken en smakelijk eten.

HETE BLIKSEM UIT DE TAJINE (voor 2 personen)

ingrediënten:

3 of 4 aardappels (ik gebruikte Gloria’s  omdat we die op de tuin hadden maar een andere vastkokende aardappels kan ook)

2 kleine stevige appeltjes (een Elstar of een andere harde appel; geen moesappel gebruiken!)

1 ui

2 eetlepels appelazijn

1 eetlepel gembersiroop

1 theelepel kerrie

1 theelepel  komijn

ongeveer 6 gram verse kurkuma

2 takjes rozemarijn

2 takjes lavendel

1/2 kopje rijstmelk of kokoswater (of water uit  de kraan)

peper en zout naar smaak

Zet de tajine van tevoren een paar uur weg, gevuld met water.

Verwarm de oven voor op 180*C

Snijd de aardappels  in blokjes van ongeveer 2 cm. Snijd de ui in grove stukken. Snijd de appels in niet al te kleine stukken. Vul de (lege; d.w.z. het weekwater eruit) tajine met appelazijn, fijngesneden kurkuma, lavendel, rozemarijn, kerrie en komijn en leg daarop de aardappel, appel en ui. Schep even goed om. Overgiet dit met zoveel kokoswater (rijstmelk of water) dat de groente bijna onder staan. Strooi er wat zout en peper overheen. Zet de tajine een ruime drie kwartier in de oven.

VENKELSALADE

2 venkelknolletjes

1/4 suikermeloen (een appel of een stuk ananas kan ook)

1 eetlepel kappertjes

2  eetlepels  plantaardige olie

1 eetlepel appelazijn

1 eetlepel citroensap

snufje zout

Snijd (ondertussen) de venkel heel fijn en meng dat met de olie en de appelazijn en de citroensap. Voeg de gesneden meloen toe en de kappertjes. Voeg wat zout toe maar niet teveel! De kappertjes zijn ook al vrij zout. Laat de salade minstens een uur rusten, bij voorkeur op kamertemperatuur.

Goed, gezond en lekker eten is eigenlijk heel eenvoudig! Het gaat erom dat je het eten met aandacht en zorg en liefde bereid. Het feit dat de (meeste) groente die  ik gebruik uit mijn eigen moestuin komen, helpt daarbij. Ik heb de planten vaak zelf gezaaid, ik heb het onkruid eromheen gewied zodat ze ruimte hadden om te groeien en ik heb ze zelf geoogst op  de daarvoor bestemde tijd. Al die tijd, al die aandacht, al die liefde gaat in mijn eten zitten; daarvan ben ik overtuigd. Ik hoop dat u met net zoveel aandacht, tijd en liefde in de keuken gaat staan om eten te bereiden voor uzelf en hopelijk ook voor vrienden en familie. Tot een volgende keer!

 

 

 

WITLOF INKUILEN

moestuin, witlof
img_7975

Er staan twee regels witlofpenen.

img_7976

Naast die regels graaf ik een kuil.

img_7977

van ongeveer drie spaden diep.

img_7978

Ik steek de witlofpenen uit de grond met een spa.

img_7979

img_7980-2

En snij het groen er af; ongeveer twee centimeter laat ik zitten

img_7983-2

img_7985-2

De peen zelf snijd ik bij. Ten eerste omdat het dan beter blijft staan en ten tweede om ervoor te zorgen dat de penen allemaal ongeveer even lang zijn.

img_7986

De bijgesneden penen zet ik rechtop naast elkaar in de kuil.

img_7987

Sommige penen zijn heel intiem met elkaar vergroeid

img_7988

img_7989

en sommige hebben al vroeg in de groei een splitsende ruzie meegemaakt…

img_7990

maar de meeste penen zijn gewoon netjes braaf rechtdoor gegroeid.

img_7991

Het eerste rijtje is klaar.

img_7992

En als het tweede rijtje ook gesneden is, zit de kuil zo goed als vol

img_7993

en naast de kuil liggen de resten.

img_7994

Ik gooi de kuil dicht

img_7995

met een flinke kop erop

img_7996

Over een maand of drie eens voorzichtig openmaken en de eerste witlof oogsten

img_7997

Ik gooi ook nog wat grond op het afval om te voorkomen dat het wegwaait

FRUITIGE POMPOENSOEP

kokos, maaltijdsoep, moestuin, soep, veganistische recepten, wat-te-doen-met-pompoen, wortel

Afgelopen zaterdag was ik  met een vriendin naar een concert in Almere, niet een stad waar ik nou vaak kom, maar mijn vriendin woont daar al vele jaren met groot genoegen. Bovendien, en dat is een feit niet bij velen bekend, behoort Almere tot een van de tien grootste steden van Nederland. Ik hoorde toevallig vanochtend op het nieuws dat Almere zelfs gestegen is tot nummer acht! Jammer genoeg roept de stad toch vaak een negatieve reactie op. Zoals ik al zei mijn vriendin woont daar en derhalve kwam ik daar terecht om samen met haar een concert bij te wonen.

Vlakbij de kerk waar het concert gegeven zou worden, vonden we een Thais restaurant met een vrij uitgebreide vegetarische kaart. De gerechten op  de vegetarische kaart waren eigenlijk  allemaal veganistisch of konden heel eenvoudige geveganiseerd worden. Er stonden heel veel gerechten op  met kokosmelk en ik gebruik zelf ook graag en vaak kokosmelk dus ik was heel benieuwd. De soep die we bestelden was werkelijk heerlijk; gestoomde groente overgoten met een warm mengsel van kokosmelk  en citroensap. De combinatie van kokosmelk met citroensap was verrassend. De soep was fris en fruitig en toch pittig en stevig doordat de groente beetgaar waren en hun eigen smaak en structuur bewaard hadden.

Ik zal de laatste zijn om een goed idee te laten liggen dus ik ben thuis  direct aan het experimenteren geslagen. En onderstaand recept is daar het resultaat van.  Natuurlijk heb ik gebruik gemaakt van groente die ik op dit moment nog kan oogsten: pompoen, paprika, venkel. Al deze groente zijn ruimschoots verkrijgbaar voor diegene die geen moestuin hebben! Ik vind het zelf bijzonder lekker. Het is misschien niet het eenvoudigste recept wat er op mijn blog staat, maar het is de moeite waard.

FRUITIGE POMPOENSOEP

ingrediënten

1 middelgrote pompoen

1 kleine knolvenkel

1 groene paprika

1 flinke citroen

2 kopjes kokosmelk

1 blikje kokosmelk/kokosroom (400 ml.  Zelf gebruikte ik kokosmelk van het merk Amaizing, verkrijgbaar bij de Ekoplaza maar een ander merk is ook prima. Ik heb wel gemerkt dat de biologische variant wat minder afgeroomd is en dus dikker en romiger dan de goedkopere merken.)

1 bouillonblokje

ongeveer 6 gram verse kurkuma (of twee theelepels gedroogde kurkuma)

1 theelepel komijn

1 theelepel kerrie

Snijd de pompoen in stukken en ontdoe de stukken van zaden. (Deze kun je vrij gemakkelijk drogen en gebruiken om nieuwe pompoenplanten te kweken of gewoon even in een droge koekenpan branden en bijvoorbeeld door de salade doen. Je mag ze ook gewoon bij het groenafval gooien  😉 ) Snijd de pompoen in dobbelsteentjes en kook ze beetgaar in de kokosmelk met de komijn, de kerrie en de geraspte kurkuma. Snijd ondertussen de paprika en de venkel in fijne reepjes. Zodra de pompoen beetgaar is, leg je de paprikareepjes en de gesneden venkel er boven op. Pers de citroen uit en giet het sap, samen met het blikje kokosroom over de groente. Controleer het overgebleven vruchtvlees van de citroen op  pitjes en vis die eruit alvorens ook het vruchtvlees van de citroen toe te voegen. Voor een extra bite voeg je ook nog wat citroenzest toe.

Laat aan de kook komen. Haal de pan van het vuur en roer even snel en goed door. Voeg  het bouillonblokje toe en roer ook dat goed door. Serveer de soep niet al te heet, bij voorkeur in diepe borden in plaats van in soepkommen.  En als je het toevallig in huis hebt is een klein takje verse koriander en/of peterselie bovenop  een prachtige versiering én een verrassende toevoeging.

VARIATIE: vervang de pompoen door een pond winterwortelen, volg verder het recept.

Ik wens u allen veel plezier in de keuken, smakelijk eten en een heel fijne EetGeenDierendag 😉 Tot de volgende keer!

 

 

PASTA MET BIETEN

bieten, pasta, veganistische recepten, venkel

Om cashewkaas te kunnen maken, gebruik ik gefermenteerd graan. Ik week het graan een paar dagen in water, spoel en ververs elke dag tot het water wit begint te kleuren en gefermenteerd begint te ruiken, ik zal maar zeggen: als schimmel. Dan spoel ik het graan nog één keer en laat het weken in dubbel zoveel water als voorheen en laat dat een dag of drie staan (uit de zon maar op kamertemperatuur). Meestal gebruik  ik één kopje graan en houd ik ongeveer één liter gefermenteerd graanwater over. Ik heb al diverse graansoorten geprobeerd en niet allemaal gaan ze even goed maar tot nu toe is er nog geen graansoort geweest waarmee het niet lukte. De laatste keer dat ik het maakte gebruikte ik spelt. De rejuvelac was enorm sterk, rook heel zwaar en gaf een fantastische smaak aan de cashewkaas. De rest deed ik in een weckfles en zette die fles weg  in het donker. Het duurde dit keer wat langer voor ik weer naar de fles greep en blijkbaar stond hij daar bovenop de keukenkast vrij ernstig door te gisten want op een gegeven moment spatte de fles in duizend stukjes uit  elkaar! Overal in de keuken zat glas en rejuvelac die, zoals  ik al eerder opmerkte, behoorlijk sterk rook. Wat een pech! Gelukkig is alles weer opgeruimd en schoongemaakt. Maar de rejuvelac was op. Ik kan dus nu geen cashewkaas maken totdat ik nieuwe heb gemaakt. Dit keer gebruik  ik rogge en deze tweede dag  ruikt het vooral erg fruitig. Ik ben heel benieuwd hoe de rejuvelac van rogge zal uitpakken. Ik weet wel dat ik het niet meer in een weckfles zal gaan bewaren! 😉

Ondertussen rijpt op de tuin alles vrolijk verder. We hebben al diverse rijpe appels kunnen eten en de maïs is op. Ik heb nog wel van wat valappeltjes, na die stormwind van vorige week lagen er nogal wat! appelazijn gemaakt. De herfstteelt sla, bieten en knolvenkel groeit goed en ik ben van plan deze week de kolen voor de zuurkool te oogsten. Ook heb ik al één keer bramen geplukt en daarvan vijf potten bramenjam gekookt. Ik verwacht, zeker nu deze hele week nog zon voorspelt is, nog wel twee keer bramen te kunnen plukken. Als die doerak van een Reinier me niet voor is  want hij is er dol op en eet ze zó van de struik!

Toen ik de groenbemester onder ging spitten, vond ik nog een vergeten rijtje zomerbieten. Die waren flink uit de kluiten gewassen maar ze hadden geen groeigaten van binnen.  Ik vind bieten heerlijk met verse dille maar de dille-oogst is dit jaar compleet mislukt. Wel heb ik bergen basilicum staan die maar doorgroeien en doorgroeien. Ik heb dus de combinatie bieten met basilicum uitgeprobeerd en ik kan het van harte aanbevelen. Onderstaand recept schrijft dan ook een behoorlijke hoeveelheid basilicum voor maar ik kan me voorstellen dat in dit recept verse basilicum eenvoudig  vervangen kan worden door verse dille.

Veel plezier in de keuken en smakelijk eten!

PASTA MET BIETEN voor 2 personen

Ingrediënten:

2 rode bietjes

1 knolvenkel

1 flinke ui

2 eetlepels gembersiroop

1 theelepel kerrie

200 gram (spelt)pasta

2 eetlepels kokosolie

ongeveer 50 gram verse basilicum

zout naar smaak

Kook de bietjes gaar in ongeveer 10 minuten, giet ze af en laat ze afkoelen. (Als je het kookwater bewaard, kun je daar met een beetje zout lekkere bouillon van maken.) Als de bietjes afgekoeld zijn, kun je ze grof raspen.

Kook de spelt gaar en spoel ze af met koud water.

Snijd de ui en de venkel klein. Smelt de kokosolie in een hapjespan of wok. Voeg de kerrie en de gembersiroop toe. Laat de ui en de venkel hierin zachtjes gaar stoven.  Voeg vervolgens de bietenrasp en de pasta toe. Strooi er wat zout overheen en laat het een minuut of vijf op een zacht vuurtje aan elkaar wennen.

Snijd ondertussen de basilicum heel fijn en voeg dit toe aan de pasta. Even goed doorroeren en smullen maar! Ook heerlijk met een beetje Pizzaschmelz van Wilmersburger.

 

ZOMERSE MAALTIJDSOEP

kokos, maaltijdsoep, moestuin, pasta, soep, veganistische recepten, venkel

De meeste mensen denken bij soep aan winterse koude en zware kost om warm te blijven maar soep kan ook heel licht zijn. In de zomer maak en eet ik ook graag soep. In soep kun je altijd veel kwijt, je maakt makkelijk voor meer dan één dag, het is niet ingewikkeld en je hoeft er niet de hele  tijd bij te blijven. De volgende soep is licht en makkelijk verteerbaar. De smaak is mild en een beetje zoet en ik durf te wedden dat iedereen ervan zal smullen; zelfs de meest kieskeurige, kleine eter!

Knolvenkel is niet alleen een vergeten maar zeker ook een miskende groente.  In venkel zitten stofjes die de afdrijving stimuleren, wat niet alleen behulpzaam kan zijn bij plasproblemen; ook vrouwen die borstvoeding geven, kunnen daar profijt van trekken. Bij maagpijn en menstruatiekrampen kan venkel ook verlichting brengen. Voorts is al eeuwen bekend dat het kauwen op  venkelzaadjes het hongergevoel onderdrukt.

De smaak van knolvenkel  is een beetje anijsachtig en een beetje aan de zoete kant voor groente. Kinderen noemen venkel  ook wel dropkruid. De stengels, de pluimen en de jonge knolletjes zijn heel lekker om rauw te eten, uit de hand of door de sla. De wat grotere, oudere knollen laten zich goed verwerken in pastasaus, ovenschotels en soep. Fijn snijden is wel aan te raden; de grotere knollen kunnen behoorlijk vezelig zijn.

ZOMERSE MAALTIJDSOEP MET VENKEL                                                                                                                                                      voor 2-3 personen

Ingrediënten:

2 venkelknollen

1 flinke ui

75-100 gram speltpasta (of volkorenpasta)

1 blikje kokosmelk (400 ml)

800 ml water

1 theelepel kerrie

2 theelepels komijn

3 eetlepels gembersiroop

3 eetlepels appelazijn (of citroensap)

2 groentebouillonblokjes

1 zakje vanillesuiker

3 eetlepels plantaardige olie of kokosvet

Snijd de ui niet al te fijn. Verhit de olie en voeg de ui daar aan toe. Laat  de ui  glazig worden. Voeg de vanillesuiker, de kerrie, de komijn, de appelazijn en de gembersiroop toe en laat op  een laag vuur garen. Snijd ondertussen de venkel klein.  Het ligt er een beetje aan hoe de knol gegroeid is maar het beste snijd je de knol in vieren nadat je de stengels er af gesneden hebt. De verschillende stukken van de venkelknol in dunne reepjes snijden en toevoegen aan het uienmengsel. Goed doorroeren en even laten pruttelen, tot de venkel een beetje zacht begint te worden. Voeg vervolgens de kokosmelk en het water toe. Breng aan de kook en voeg de pasta toe. Laat tien minuten doorkoken. Nu kun je de groentebouillonblokjes toevoegen en gaan eten. Maar de soep wordt nog lekkerder als je de groentebouillonblokjes toevoegt, goed roert, het laat afkoelen en later opnieuw opwarmt (niet laten koken!) en dan pas eet. Lekker met een broodje en wat verse sla, als lunch of als lichte zomeravondmaaltijd. Extra lekker: een smoothie erbij van een klein stukje gember, watermeloen, een schepje kokosyoghurt en  een beker kokosmelk.                                Smakelijk eten en tot  de volgende keer!

P.S. foto: berenoor met een dikke hommel

ROERBAKSCHOTEL MET BROCCOLI

broccoli, moestuin, roerbakschotel, veganistische recepten

Soms denk ik weleens dat de hond het meeste van de tuin geniet.  Want terwijl Henk zes rijtjes prei heeft geplant en ik de herfstteelt schoffelde en zes rijtjes groenbemester (lupine en borage) en een rijtje gladiolen heb ondergespit, heeft hij heerlijk liggen slapen. Afgezien van de vijf minuten die het kost om een leger te graven, te blaffen naar de buren en even te controleren of hij écht niet bij de braamstruik kan komen, wordt hij de hele dag alleen maar wakker om van zijn plekje in de zon te verhuizen naar een plekje in de schaduw van de appelboom en vice versa. Ja, onze hond leidt echt een hondenbestaan 😉

De zomeroogst is bijna helemaal binnen.  Het wachten is een beetje op het rijpen van de bramen en de appels. Veel sla die we niet hebben geoogst, gaat al schieten. Zo noem je dat als ze in de bloei gaan staan. Ze schieten in de bloei, als het ware.  Ook de zomerknolvenkel en de meeste kruiden hebben hun laatste groeispurt gehad en beginnen te bloeien. De meeste groente en kruiden zijn niet lekker meer om te eten als ze die  laatste spurt eenmaal hebben (gehad). Het is dus zaak om zoveel mogelijk te oogsten en te verwerken opdat het ingemaakt, ingevroren of in de koeling langer bruikbaar/houdbaar blijft.  We zijn het nooit helemaal voor, de tuin is gewoon gul maar we zijn er trots  op dat we het jaar rond van eigen tuin kunnen eten.

De latere groente groeien ook heel goed en het nadeel van een herfstteelt is natuurlijk  dat er weer gewied moet worden, naast al het onderspitwerk dat er te doen valt in deze tijd best een hele klus. Gelukkig kunnen de zomerbieten en de aardappels nog wel even in de grond blijven.  Iedere keer een rijtje rooien en koel en donker bewaren; dat is minder zwaar dan de hele aardappeloogst in één keer binnenhalen. De pompoenen liggen mooi te rijpen, krijgen al  die mooie donkeroranje kleur. Ik kan haast niet wachten ze te proeven. Maar ondertussen hebben we al de eerste maïskolven kunnen eten. Oh! Dat  is zo lekker! Vers van het land een minuut of drie  in het kokende water en dan eten met een beetje margarine en een beetje zout. Smullen! Daarnaast had ik vandaag Highland blacks (een paarse aardappel), witte bietjes en palmkool met 3 takjes rozemarijn, 5 takjes krulpeterselie en 3  takjes dragon in de tajine gedaan. In plaats van water heb ik er wat kokosmelk  bijgedaan wat ik gemengd had met wat appelazijn en soyasaus. Tot slot een beetje zout erover gestrooid en ongeveer een half uur op  een zacht pitje laten staan. Daarbij serveerde ik tzatziki, van komkommers gemaakt dit keer, geruild tegen een courgette met onze tuinbuurman. En in de tzatziki zat knoflook en munt en een beetje lavendel, allemaal uit  onze eigen tuin! Wat een rijkdom 🙂

Deze broccoli (foto) is eigenlijk al de herfstteelt maar ze doen het dit jaar zo ongelooflijk goed dat we van de zomerteelt al zoveel hebben kunnen invriezen dat we deze broccoli gewoon vers van het land op  kunnen eten. Ik lust broccoli  eigenlijk het liefste rauw maar als compromis voor diegene die het liever gekookt eten, roerbak  ik het meestal. Als je broccoli kookt, snijd het dan niet al te fijn anders wordt het drab.  Kook het niet te lang en in water zonder zout. Zout kun je altijd later toevoegen maar in zout  water verliest de broccoli zijn structuur en alweer: drab! Rauw is het vooral heel lekker gemengd met ijsbergsla en tomaten. Snijd de bloem dan heel fijn en gebruik de stam voor soep. Na al  deze tips voor het eten van broccoli nu dan een ‘echt’ recept.

ROERBAKSCHOTEL MET BROCCOLI

ingrediënten:

1 broccoli

1 grote ui

1 venkelknol

1 theelepel zout

3 eetlepels gembersiroop

1 eetlepel appelazijn (of citroensap)

1 theelepel kurkuma

1 theelepel gemberpoeder

1 theelepel kerrie

wat vers gemalen peper (ik tel  altijd het aantal keer dat ik draai: vijf)

3 eetlepels plantaardige olie of kokosvet

Snijd de ui niet al te fijn. Verhit  de olie in een wok of een grote hapjespan. Voeg de ui toe en laat even staan, draai het vuur laag. Meng de ui met de gembersiroop, de appelazijn en de kurkuma, de kerrie, het gemberpoeder en de peper. Laat op  een zacht vuurtje een minuut  of vijf garen.  Snijd ondertussen de venkel heel fijn en  voeg die toe aan het mengsel. Even goed doorroeren. Snijd de broccoli  zo dat er lange, dunne stukken ontstaan die zowel voet als kroon hebben. Leg deze bovenop het mengsel en strooi er het zout  overheen. Deksel op  de pan en een minuut of vijf laten staan alvorens om te scheppen. De broccoli wordt nu knalgroen en glimmend en dan is het ’t lekkerst. Als je van heel gare broccoli houdt, kun je het beter tien minuten laten staan.  Heerlijk bij gebakken aardappeltjes of aardappeltjes uit de oven. Smakelijk eten en tot de volgende keer!

 

 

courgetteburger

courgette, moestuin, veganistische recepten

Behalve bonen en sla  heb je met een moestuin ook al vrij snel een overschot aan courgette. Gelukkig kun je met courgette heel veel kanten op. Soep, salade, pastasaus, tzatziki maar ook taart en cake zowel hartig als  zoet. Courgette  is vrij neutraal van smaak en zacht van structuur dus combineren gaat bijna altijd goed. Ik raad af om courgette te mengen met lavas; mijn ervaring is dat de courgette door  de lavas een bittere nasmaak krijgt die lang niet iedereen zal kunnen waarderen. (Ik niet in ieder geval 😉 ) Vandaag maakte ik courgetteburgers. Dit recept is genoeg voor 6 niet al te grote burgers of 4 flinke. Wij aten het als bijgerecht maar met een lekker (spelt)broodje, een blaadje sla, een augurk, een tomaat en wat ketchup kan het ook heel goed als lunchgerecht of zelfs als hoofdgerecht gegeten worden. Het vergt enige voorbereiding en (anders zou het geen recept van mij zijn) enig geduld maar dan heb je ook wat.

INGREDIËNTEN

1 courgette (ongeveer 450-500 gram)

1 blik kikkererwten (400 gram)

3 eetlepels plantaardige olie

1 eetlepel appelazijn (of citroensap)

1 eetlepel bloem

1 theelepel zout

3 takjes jonge lavendel (zonder bloemetjes!)

plantaardige margarine of kokosvet om in te bakken

Rasp de courgette op een schone doek en knijp het sap eruit. (Dit sap  kun je opvangen om door de soep te gooien of als bouillon te drinken; die tip gaf ik al eerder volgens mij 😉  )Strooi er een theelepel zout  overheen. Rits de blaadjes van de lavendeltakjes af en snijd de blaadjes heel  fijn. Meng dit door de courgetterasp. Giet de kikkererwten af en vang het sap op! Maal de kikkererwten met de olie en de appelazijn in de keukenmachine en voeg steeds een beetje van het kikkererwtensap toe totdat een kleverige brij ontstaat. Meng deze brij met de geraspte courgette. Als het erg plakkerig is, voeg dan een beetje bloem toe. Zet het een half uurtje in de koelkast. Rol er vervolgens burgers of fallafels van, naar keuze. Strooi (de rest van) de bloem op een plat bord. Rol de burgers door de bloem en leg ze nogmaals een half uurtje in de koelkast. Verhit  een grote koekenpan en smelt hierin het kokosvet (of plantaardige margarine) . Bak de burgers in vijf tot zeven minuten gaar en goudbruin  door ze regelmatig om te draaien.  Smakelijk eten!

SPERZIEBONENSALADE EN KOKOSCAKE

gebak, kokos, moestuin, salade, sperziebonen, vegancake, veganistische recepten

En dan opeens is het spitsuur in de tuin! Alles groeit als kool en moet geoogst, opgegeten, ingemaakt, gedroogd, ingevroren en tot jam gekookt worden.

Ik heb op de tuin twee veldjes met kruiden. Het ene veldje gebruik ik vrijwel dagelijks en op het andere veldje laat ik de kruiden mooi groot groeien. Dan snijd ik ze zo lang mogelijk af en laat ze drogen om ook in de winter kruiden uit mijn eigen tuin te kunnen gebruiken. Het heeft wat jaartjes experimenteren gekost maar nu heb ik voor elk kruid de beste methode gevonden. Dit jaar had ik voor het eerst dragon en dat is ontzettend goed gegroeid maar ik had het nooit eerder gedroogd dus dat was nog even spannend. Ik gebruik eigenlijk drie methodes:1. ik hang een grote bos op de kop op de zolder en laat het daar een paar weken hangen 2. ik zet de elektrische oven op de allerlaagste stand (<80*C) en leg de kruiden op een platte schaal in de oven en ik sluit de ovendeur niet helemaal. Dit duurt ongeveer een 10 tot 12 uur
3. ik stop de kruiden in portiezakjes, gewassen maar niet gedroogd, in de vriezer. Methode 1 gaat uitstekend met wollige munt, koriander en dille. Helaas is de dille dit jaar nauwelijks gegroeid door teveel water op het verkeerde tijdstip. Methode twee gebruik ik voor peterselie, dragon en selderij. De derde methode is uitstekend geschikt voor lavas, zwarte munt en basilicum. Vorig jaar had ik zoveel basilicum dat ik pesto heb gemaakt, maar daarover een andere keer.

Bonen kun je ook heel makkelijk invriezen. Je maakt ze schoon en blancheert ze drie minuten in zoutloos (kokend) water. Verdeel ze in vriezerbakjes, laat ze afkoelen (buiten of in de koelkast) en stop ze in de vriezer. In de vriezer blijven ze zeker een jaar goed en als je ze uit de vriezer haalt om te verwerken, smaken ze als vers. Vergeet niet op het bakje te zetten wat er in zit; dit scheelt een hoop ongemak later in het jaar. En nu de onderste twee laden van de vriezer propvol bonen zitten (sperziebonen en tuinbonen) zien wij ons gedwongen bonen te eten en bonen uit te delen aan vrienden die niet zo fortuinlijk zijn een moestuin te onderhouden.

Bonen laten zich gelukkig makkelijk verwerken tot allerlei heerlijke gerechten. Ze gaan goed in soep, in pastasaus of gewoon gekookt bij aardappeltjes of rijst. Je kunt ze koken met niks of alleen een beetje zout maar ze laten zich ook heel goed combineren met kokos of kerrie. En als je ze niet al te lang kookt, zijn ze prima te verwerken als of in salade.

Vandaag maakte ik een bonensalade met kokos en paprika. En ik bakte een kokos-chocoladecake als toetje, gewoon omdat het kan 😉

BONENSALADE
bijgerecht voor twee personen
Ingrediënten:
250 gram sperziebonen
1 rode puntpaprika
1 eetlepel kappertjes
eventueel een paar blaadjes ijsbergsla
5 of 6 takjes verse basilicum
3 eetlepels plantaardige olie
2 eetlepels gembersiroop
3 eetlepels appelazijn (of citroensap)
1 eetlepel geraspte kokos
1 theelepel zout
1 theelepel kerriepoeder

Maak de bonen schoon en kook ze beetgaar. Spoel ze direct met koud water om te voorkomen dat ze doorgaren en slap worden. Splijt de bonen overdwars in twee helften. Snijd de puntpaprika in smalle reepjes en meng dat goed door elkaar. Voeg gembersiroop, appelazijn, olie, zout en kerriepoeder toe en even goed mengen. Snijd de basilicum heel fijn, maar houd een paar blaadjes achter voor de garnering. Meng de fijngesneden basilicum met de geraspte kokos en strooi dit over de salade. Laat de salade een half uurtje aan elkaar wennen en meng het nogmaals goed door elkaar. Nu kun je er eventueel een paar blaadjes fijngesneden ijsbergsla aan toevoegen voor een extra knapperige beet. Leg een paar blaadjes basilicum bovenop. Smakelijk eten!

KOKOS-CHOCOLADECAKE

Ingrediënten:
100 gram kokosmeel
25 gram biologisch bloem
25 gram geraspte kokos
30 gram cacaopoeder
2 zakjes bakpoeder
50-75 gram (kokos)suiker
80 gram kokosvet of kokosolie
3 eetlepels appelmoes
30 gram bittere chocolade (Tony's of course 😉 )
1 kopje kokosmelk

Verwarm de oven voor op 180*C. Meng alle droge ingrediënten goed door elkaar: kokosmeel, bloem, bakpoeder, cacao, geraspte kokos en suiker. Voeg dan het kokosvet toe en meng het met de achterkant van een grote lepel (of met schone handen!) tot een broodkruimachtig geheel. Voeg vervolgens de appelmoes toe en klop dit zeker een minuut of vijf met een handmixer; kokosmeel is heel zwaar en hoe beter je het mengt en klopt, hoe luchtiger de cake zal zijn. Voeg tot slot zoveel kokosmelk toe dat het een mooi stevig beslag wordt. Een dik beslag dat je nog net kunt gieten. Voeg tot slot de chocolade toe, die je natuurlijk eerst in kleine stukjes hebt gesneden en waar nog steeds 30 gram van is en waarvan je niet de helft al tijdens het kloppen van het beslag in je mond hebt gestoken 😛 Goed roeren en in de cakevorm gieten. Zet de cakevorm in het midden van de oven en zet de kookwekker op 35 minuten. Als de kookwekker af gaat, verlaag je de temperatuur tot 160*C. Nu moet de cake nog een minuut of 20 afbakken. Prik met een breinaald of een lange vork in de cake om te kijken of die gaar is (als de naald er droog uitkomt, is de cake gaar) Laat in de vorm afkoelen. Nu heb ik goed nieuws voor alle ongeduldigen onder ons: deze cake is warm ook heel lekker!!! Het allerlekkerst is ie met een schep Bon-Ice chocolat Rice ice cream (verkrijgbaar bij de Ekoplaza) en wat verse vruchten.
Smullen maar!

SOEP, JAM, SMULCAKE en HUMMUS

broodbeleg, courgette, gebak, moestuin, soep, taart, vegancake, veganistische recepten

Het weer is de laatste weken nou niet zo dat we het gevoel  hebben midden in de zomer te zitten, maar het is wel zo! Zo eten we al een week of drie nieuwe aardappels en gaat ook de oogst van andere groente gewoon door. Courgette, snijbiet, tuinbonen, sla is er in overvloed.  En het aardbeiseizoen is zelfs alweer voorbij! Gisteren hadden we gelukkig een prachtige dag en hebben we heerlijk  in de tuin kunnen werken. Ik heb, naast wat broodnodig schoonmaakwerk, de aalbessen geplukt. Omdat we eindelijk  eens op tijd de struiken onder gaas hadden gezet, konden we ruim oogsten. Van onze twee struiken heb ik 4,5 kilo  bessen geplukt!

Van die bessen heb ik jam gekookt;  dat is makkelijk. Je maakt het fruit schoon en kookt het stuk. Dan voeg je suiker toe (1 kilo suiker op 1 kilo vruchten) en pectine (25 gram per kilo fruit)  of je neemt geleisuiker, dan ben je in één keer klaar 😉 Na het toevoegen van de (gelei)suiker moet het geheel nog een paar minuten koken onder voortdurend roeren en dan giet  je het in schone potten met metalen deksel. Deksel erop  en even op  de kop zetten zodat de deksel vacuüm trekt. De jam is zeker een jaar houdbaar  op een donkere en koele plek. Soms ontstaat er een laagje  schimmel op de jam maar als je die eraf schept, kun je de jam daarna gewoon opeten.

Voorts waren er vijf prachtige courgettes! Van één heb ik een heerlijke soep gekookt met gele splitlinzen en kokosmelk. De courgette in kleine stukjes gesneden en even aangefruit in hete kokosolie en vervolgens 125 gram linzen toegevoegd. Dat gemengd met een blik kokosmelk (400 ml) en aangelengd met evenzoveel water. Aan de kook gebracht en bouillonblokjes toegevoegd. Nog even door laten n en smullen maar!

Van een andere courgette maakte ik  tzatziki (zie mijn vorige blog). Alleen de Abbot Kinney’s kokosvariatie  op yoghurt was niet verkrijgbaar dus gebruikte ik kokosvariatie op yoghurt van Provamel. Dat smaakte ook verbazingwekkend goed!Het overgebleven sap van de geraspte courgette kieperde ik in de courgette-linzensoep. De laatste drie courgettes doneerde ik aan de Texelse Soepketel (https://www.facebook.com/detexelsesoepketel/?fref=ts) in de hoop dat ze er veganistische soep van koken!  Enfin, nu ik  toch de halve dag in de keuken bezig was, besloot  ik ook een nieuw cake-recept uit  te proberen dat ik bedacht had. Het pakte ongelooflijk goed uit. Ik denk dat dit de lekkerste cake is die ik ooit  heb gebakken! Omdat ik voor de cake gebruik heb gemaakt van het restwater van een blik kikkererwten, heb ik gelijk van de kikkererwten hummus gemaakt. De makkelijkste hummus die ik ooit maakte. Voor beide recepten dus 1 blik kikkererwten: doe  de kikkererwten in een zeef en vang het sap uit  het blik op. De kikkererwten gebruik je voor de hummus; het sap voor de cake. Veel plezier in de keuken en onthoud goed: bakken is ingewikkelder dan koken. Bij het koken kun je altijd nog een beetje dit en een beetje dat toevoegen om iets wat dreigt te mislukken te redden.  Bakken is buiten je macht zodra je het baksel  in de oven zet. Wees dus niet ontmoedigt als het een keer mislukt. Probeer iedere keer te  bedenken wat er mis is gegaan en hoe je dat op kunt lossen. Een beetje meer suiker, een beetje minder bloem. Een beetje korter in de oven of de oventemperatuur wat lager….voor elk probleem is een oplossing en de aanhouder wint. Ook hier geldt: oefening baart kunst en ervaring  is de beste leermeester.

SMULCAKE

ingrediënten:

-water uit 1 blik kikkererwten

-150 gram zelfrijzend bakmeel

-2 zakjes vanillesuiker

-100 gram suiker

-1 eetlepel vanille-essence.

Verwarm de oven voorop 180*C. Klop het kikkererwtenwater zeker 10 minuten met een mixer op de hoogste stand. Voeg een eetlepel vanille-essence toe. En schepje voor schepje de suiker. Zet de mixer  uit  en schep heel voorzichtig het zelfrijzend bakmeel door het mengsel en giet het in een cakevorm.  Een kleine cakevorm is genoeg; het is beslag voor een klein cakeje 😉 Zelf gebruik ik een kleine cake-springvorm van de HEMA met een extra lekrand aan de bodem, ik vind die bijzonder prettig in gebruik.  Zet de cake in de oven en zet de kookwekker op  een half uur. Na dat half  uur breng je de temperatuur in de oven terug tot 160*C en laat de cake nog 10-15 minuten in de oven staan. (De cake is  gaar als een vork erin geprikt droog terug komt.) Als het goed is, is de cake van buiten goudbruin en knapperig en van binnen zacht en smeuïg. En smaakt het heerlijk  naar vanille. Lekker bij een kopje thee of koffie of als dessert met wat vers fruit en/of N’Ice-cream.

HUMMUS

van het blik kikkererwten gebruik je voor de cake  het water en dan heb je dus ongeveer 400 gram kikkererwten over; die gebruik je voor hummus. Daarvoor heb je verder nog nodig: – drie teentjes verse knoflook (als je gedroogde knoflook gebruikt twee!)

-groen van een verse ui

-1 theelepeltje zout

-1 theelepel komijn

-3 eetlepels olie

-2 eetlepels  citroensap of appelazijn.

Mik alles in de keukenmachine en laat het een minuut of 10 draaien op  de hoogste stand. Makkelijkste hummus die ik ooit maakte 😀 En nog steeds veel lekkerder dan die je in de winkel koopt!