SPINAZIE op twee manieren

moestuin, spinazie, veganistische recepten

Vrij regelmatig kook ik (veganistisch natuurlijk) voor een goede vriend. In het begin vond hij het allemaal maar onzin, veganisme,  maar hij gaat mijn veganistische lijfstijl steeds beter begrijpen en waarderen. Zoals laatst bleek toen hij de krant met daarin een foto van een kippenboerderij bij mij vandaan hield omdat hij wist dat ik daar heel ongelukkig  van zou worden. Die foto was blijkbaar zo erg dat hij zei: als ik naar die foto kijk, moet ik je wel gelijk geven en als ik een paar keer naar die foto kijk, eet ik nooit meer een ei! Ik heb hem natuurlijk duidelijk gezegd dat hij dan maar heel vaak naar die foto moest kijken maar helaas heeft hij toch weer ei gegeten. ” Want bij spinazie hoort een ei.” Ik heb toen spinazie voor hem gekookt, zonder ei en hij vond het zelfs zo lekker dat hij suggereerde dat mijn volgende blogrecept te maken! Bij deze. Het grappige is dat juist diezelfde week de eerste spinazie uit onze moestuin kwam en ik dus in die week twee keer spinazie gekookt en gegeten heb. Vandaar dat er tweerecepten voor spinazie volgen. Het eerste recept  is met pasta en heb ik gemaakt met diepvriesspinazie maar er is geen enkele reden waarom dat met verse spinazie niet ook zou kunnen. Ik raad aan de spinazie dan eerst te koken, goed uit te laten lekken en klein te snijden alvorens het aan het recept toe te voegen. Het tweede recept is met aardappelpuree. De bedoeling was aardappelpuree met verse munt te maken (zie ouder recept) maar mijn man wist niet dat ik munt van de tuin had meegenomen voor het eten en heeft er vrolijk thee van gezet! ;Op het plaatsje achter huis hebben we alleen basilicum en citroenmelisse. Basilicum wilde ik al door de spinazie doen dus heb ik citroenmelisse door de aardappelpuree gedaan en het was bijzonder smakelijk! Even een kleine tip: als je groene kruiden door de aardappelpuree doet, hoeft er minder zout in. De volgende recepten zijn voor ongeveer drie personen. Bij beide recepten kun je heel goed een komkommersalade of een verse bladsla serveren. Ik had vooraf een lichte bonensoep gemaakt (van ogenboontjes en ui.  Dat recept komt zeker ook nog eens, al was het alleen maar om de kleur; ik heb nooit eerder een soep gekookt, gegeten of gezien met de kleur van cappuccino 😉 ) Nu dan spinazie met pasta, zonder ei.

SPINAZIE MET PASTA

ongeveer een pond spinazie

200 gram pasta (fusilli of penne)

20 gram plantaardige margarine

1 ui

1 groene paprika

50 gram champignons

handvol cashews

zout, peper, basilicum, dille

Kook de pasta gaar, spoel ze af met koud water. Kook (of ontdooi) de spinazie. Snijd de ui en de paprika in kleine stukjes en bak ze in de margarine tot de ui glazig is. Voeg de gesneden champignons toe.  Voeg zout, peper en groene kruiden naar smaak toe en laat onder goed roeren de champignons bruin bakken.Voeg de spinazie toe en de pasta, even goed roeren en op een laag vuur aan elkaar laten wennen. Hak ondertussen de cashews klein en roer die door het eten. Opdienen, opscheppen, opeten! Eet smakelijk.

De volgende dag maakte ik dus verse spinazie UET met aardappelpuree uit de oven. Aan de aardappelpuree voegde ik dit keer een handvol gehakte cashews en een flinke handvol  fijngesneden citroenmelisse maar elke andere noot is goed en verse munt of verse basilicum door de puree is ook niet te versmaden. De puree een kwartiertje tot een half uur in de oven op  een hoge stand (minstens 180*C) geeft een lekker krokant laagje. Voor de geroerbakte spinazie heb je nodig: (voor drie personen)

een ruime pond spinazie (ik moet eerlijk zeggen dat ik de spinazie uit de tuin niet even gewogen heb maar het was een groot vergiet vol; volgende keer zal ik eraan denken te wegen!)

een ui

100 gram champignon

een flinke handvol verse basilicum

zout, peper

3 el olie

1 el citroensap of azijn

Laat de olie heet worden in een grote hapjespan of wok, zet het vuur laag en voeg de grofgesneden ui toe. Laat deze langzaam garen. Als de ui glazig begint te worden, voeg je het citroensap toe en even later de grofgesneden champignons. Flink wat zout en peper strooien en de fijngesneden basilicum toevoegen. De spinazie bovenop leggen, snel de deksel erop. De pan steeds even schudden en als de spinazie begint te slinken, kun je het mengsel omscheppen. Blijf voorzichtig omscheppen tot de spinazie gaar genoeg is. Dit punt is voor iedereen een beetje anders; zelf vind ik de spinazie klaar als het groen donker begint te worden maar sommige mensen hebben liever dat de spinazie helemaal slap en gaar is. De andere kant op kan natuurlijk ook: sommige mensen zien de spinazie het liefst bijna helemaal rauw. Zolang je bij de pan blijft staan en de spinazie in de gaten houdt, kan het eigenlijk niet mislukken. Het beste kun je een spatel als opscheplepel gebruiken; de geroerbakte spinazie is nogal vochtig en niet iedereen vindt dat lekker.

De volgende  groente die uit de tuin zal komen, zijn waarschijnlijk raapsteeltjes. En dan natuurlijk aardbeien! Ik kan haast niet wachten. Tot de volgende keer.

PREITAART MET CHAMPIGNONS EN KOKOSROOM

groentetaart, moestuin, veganistische recepten

We hebben Pasen gevierd. En het wordt langzaam lente. In de tuin groeit al lavas en bieslook en ik heb zelfs al een aardbeitje zien hangen! 🙂 In het weekkasje staat al van alles wat straks in de koude grond mag en we hebben al twee rijen uiten gelegd, aardappelen gepoot en sla gezaaid. Ondertussen eten we de witlofkuil leeg en bakken nog wat pastinaakchips. De witlofsalade wordt gekruid met verse bieslook en zo eten we weer de winter en de lente samen.  Overal om ons heen bloeien de fruitbomen, dat wil zeggen in Amstelveen bloeien ze al een tijdje en op  Texel bloeien ze bijna; de natuur loopt toch zeker twee weken uit  elkaar ondanks het feit dat het niet echt ver bij elkaar vandaan is.  Het  is weer volop genieten buiten en het fijne is dat ook bijna iedereen van weeromstuit direct een beter humeur lijkt te hebben. Niet alleen de tuin, ook de vriezer moet leeg. Het laatste rijtje prei gaat de vriezer in voor de zomer en de laatste bakjes slabonen en snijbiet van afgelopen tuinseizoen moeten nog leeggegeten worden. Vandaag de laatste bieten uit  de kuil  gehaal maar gelukkig houden onze lieve buurtjes ook erg van bietjes dus die hoef  ik alleen maar schoon te maken en weg te geven. Maar  ik heb geen behoefte aan een hele vriezer vol prei dus maak  ik een overheerlijke  preitaart. Het is wel even werk maar het is zeker de moeite waard. Deze preitaart is vol en romig en genoeg voor vier personen, maar je kunt er natuurlijk ook twee dagen van eten met z’n tweeën.

PREITAART MET CHAMPIGNONS EN KOKOSROOM

ingrediënten

voor het deeg:

150 gram bloem

100  gram plantaardige margarine

2 zakjes bakpoeder

2 eetlepels appelmoes

voor de vulling:

2 flinke preien

een stuk of wat champignons (ligt er ook aan hoe groot  ze zijn; 10 of 11)

2 teentjes knoflook

400 ml. kokosroom (=1 blik van het merk valle de sol)

2 eetlepels kokosolie

2-3 eetlepels aardappelzetmeel

komijn, peper, zout

Meng de bloem (gemengd met het bakpoeder) met de margarine tot een soort broodkruim en voeg zoveel appelmoes toe dat er een plakkerige bal  ontstaat. Voeg desnoods een beetje bloem toe als het deeg niet bij elkaar komt en maak een bal. Doe de bal in plastic en laat het minstens een uur rusten in de koelkast. Verwarm de oven voor op 180*C. Snijd ondertussen de prei en de champignons fijn. Laat de kokosolie heet worden en bak de prei tot het begint te slinken. Voeg dan de champignons toe en de knoflook, komijn en peper. Even laten bakken onder af en toe roeren. Voeg dan de kokosroom toe en breng op smaak met zout. Breng het geheel aan de kook. Voeg het aardappelzetmeel toe en laat ongeveer een minuut doorkoken. Vet een springvorm (23 cm) in en vul deze met  het deeg. Doe daar het preimengsel in (dat dik en lobbig is geworden) en bak in ongeveer een half uur goudbruin. Eet smakelijk!

WINTERPOSTELEIN

moestuin, veganistische recepten, winterpostelein

Afgelopen nacht had een heel klein beetje gevroren maar vanochtend was het stralend weer en dus gingen we opgetogen naar de moestuin. Eens even wat groente halen. Het is ongeveer drie maanden geleden dat ik de witlof heb ingekuild en ik kon het niet laten even stiekem te gluren. Dus ik graaf voorzichtig de kul open en ja hoor, al vrij snel zie ik een wit koppie boven de grond komen. Ik heb ze gauw weer toegedekt; ze mogen nog een weekje of twee doorgroeien. Verder nog wat prei uitgestoken. De wortelkuil is helemaal leeg! Ik geloofde het niet maar het bleek echt zo te zijn. Blijkbaar had ik afgelopen zomer ineens zo een zin in wortels dat ik een heel stuk geoogst had en dat stuk was nu dus leeg. Echt jammer want ik houd heel erg van wortels maar goed, er zijn gelukkig nog genoeg andere dingen om te eten. Bieten bijvoorbeeld. Nu had ik de vorige keer dat ik bieten uit de kuil haalde de stokken die de rand van de kuil aangeven iets te ver terug geplaatst met het gevolg dat ik vanochtend met de eerste spasteek al een biet doormidden hakte. Jammer, maar twee halve bieten kun je ook nog gewoon koken en eten. 😉 Voorts staat er nog pastinaak maar ik had nog twee penen in de koelkast liggen dus die heb ik lekker laten staan. Kunnen ze nog even doorgroeien. In de grond blijven ze veel langer goed dan in de koelkast! De buurman op de tuin heeft zijn moestuin eigenlijk niet voor de groente maar om te experimenteren met nieuw of verbeterd zaad. Hij hangt een filosofie aan dat je niet moet wieden maar alles moet laten groeien waar het komt of vanzelf groeien wil. Heel fijn voor hem maar zodra het onkruid in zijn tuin gaat bloeien en zaden gaat verspreiden wil heel veel van dat onkruid in onze tuin groeien en onnodig te zeggen dat wij dat niet willen. Hij bezorgt ons dus best wel veel overlast. Het is verder een aardige man, hoor dus we laten het er maar bij zitten maar kunnen het ook niet nalaten ons te verbazen over de hoeveelheid groente die op zijn tuin groeit, schiet en verdort zonder dat ooit iemand ervan kan genieten. Dat vinden wij nou echt zonde. In ieder geval: op dit moment staat zijn perceel vol met winterpostelein en natuurlijk staat er bij ons ook het nodige. Ik heb vier mooie pollen uitgezocht en afgesneden. Thuisgekomen heb ik de blaadjes losgesneden (gaat vrij gemakkelijk; ik snijd gewoon de worteltjes vrij hoog op het steeltje af) en grondig gewassen. Winterpostelein is maar een klein plantje, groeit dichtbij de grond en is vaak erg modderig. Het plantje lijkt een beetje op speenkruid. Ik maak er een heerlijke stamppot van! Ik heb eerlijk gezegd nog nooit winterpostelein in de winkel zien liggen maar misschien dat Ekoplaza het weleens verkoopt. Anders kun je het bijna overal vinden langs de slootkant of op braakliggend akkerland. Desnoods maak je onderstaand recept met andijvie, dat kan ook heel goed. Eet smakelijk en tot het volgende recept!
INGREDIËNTEN
200-250 gram winterpostelein
750 gram aardappels
100 gram shi-takes (of champignons)
1 rode puntpaprika
1 ui
50 gram gerookte amandelen
25 gram margarine
2 eetlepels (zonnebloem)olie
1 teentje knoflook
zout, peper

Kook de aardappels gaar met een beetje zout en maak een luchtige puree. Verhit olie en margarine en voeg daar de gesneden shi-takes, de fijngesneden ui, de knoflook en de gesneden puntpaprika toe. Laat even staan, af en toe roeren. Voeg de (goed gewassen!) winterpostelein toe en schep goed om. Zodra de winterpostelein gaat slinken, doe je er de aardappelpuree bovenop en schep alles door elkaar. Voeg out en peper naar smaak toe. Neem ongeveer driekwart van de amandelen in niet al te kleine stukken gehakt en roer dit door de stamppot. De rest van de amandelen hak je heel fijn en zet je op tafel om naar believen over de stamppot te (laten) strooien. Echt een originele Hollandse eenpansmaaltijd. Snel, gemakkelijk, errug lekker en goedkoop!

Groentetaart

groentetaart, moestuin, veganistische recepten

Ondanks dat wij op het platteland wonen, hebben wij geen noemenswaardige tuin bij huis. Een plaatsje achter, een pleintje voor en een platje waar een kweekkasje staat. Dus huren wij een 250 m2 bij het nabijgelegen moestuinencomplex. Op het plaatsje achter ons huis, kweken we wel tomaten, dit in verband met phytophthora; een akelige schimmelziekte, ook wel aardappelziekte genoemd. Alle nachtschadeplanten zijn hier gevoelig voor maar aardappels kun je nog eten als ze lijden aan deze ziekte. (Mits je op tijd het blad verwijderd.) Tomaten kun je weggooien wanneer de plant phytophthora heeft. Deze ziekte is heel besmettelijk en verspreidt zich door de lucht dus is het beter de tomaten niet op het moestuinencomplex te houden. Soms hebben we pech en krijgen ze de ziekte van de aardappels van de buurvrouw, die wél een moestuin bij huis heeft maar meestal hebben we een redelijke tomatenoogst. Die phytophthora heeft ons op een andere manier ook al heel wat hoofdbrekers bezorgd; de eerste paar jaar dat we lid waren van deze moestuinenvereniging kregen we elk jaar een ander stuk grond toegewezen. We snapten maar niet waarom en begonnen ieder jaar weer opnieuw met groenbemester zaaien en onderspitten om de grond te verrijken. Uiteindelijk begrepen we dat het kwam omdat wij nooit aardappels teelden. De regels betreffende aardappelteelt zijn namelijk erg streng, juist in verband met deze ziekte. Zo mag je niet meer dan een-derde van de tuin voor aardappelteelt gebruiken en nooit vaker dan twee jaar achter elkaar op hetzelfde stuk aardappels telen. Omdat wij nooit aardappels teelden, was ons stuk grond zeer geliefd bij mensen die het liefst alleen maar aardappels willen telen. Ik heb nooit gesnapt en zal nimmer begrijpen waarom je op je moestuin alleen maar aardappels telen wilt maar dat is weer een ander verhaal. Sinds we dat begrepen hebben, telen we gewoon elk jaar twee of drie rijtjes aardappels en nu zitten we al voor het zesde seizoen op hetzelfde stuk. Dat is heel fijn want nu hebben we ook fruitbomen kunnen planten en bessenstruiken en bramen en frambozen (die dan weer niet veilig zijn voor de hond maar goed, die moet ook eten) en meerjarige kruiden als salie, rozemarijn en tijm. Onze tuin ligt inmiddels ook al een vijf centimeter hoger dan de tuin van de buren omdat wij altijd groenbemester en onkruid onderspitten en niet naar de gemeentelijke groenafval-verzamelplaats brengen. Nu klinkt het net of altijd alles lukt maar dat is natuurlijk niet zo. Elk jaar proberen we iets nieuws en als het een succes is, blijven we het doen. Paprika bijvoorbeeld blijkt het uitstekend te doen op de koude Texelse grond, zolang we ze maar een beetje beschut houden. Vorig jaar hebben we geprobeerd aubergines te telen en voor de zekerheid hadden we die in het kweekkasje gezet maar desondanks is er bar weinig van terecht gekomen; de twee aubergines die er uiteindelijk groeiden, werden niet groter dan een flinke augurk. Komend seizoen willen we de Italiaanse rode biet Chioggia proberen. Deze biet heeft wit-rode kringen en is rauw te eten. Je kunt ze ook koken maar dan gaat de mooie kleur verloren. De biet heeft een bijzondere zacht-zoete smaak. Dat gaat vast wel lukken; elk jaar hebben we een rijke oogst Egyptische platronde in de zomer en bewaarbieten Kogel 2 in de herfst. Recepten voor Russische bietensoep (Borsjt) en bietensalade komen nog wel een keer. Dit keer wil ik een recept voor groentetaart met jullie delen. Het is een beetje ingewikkelder dan de vorige keren. Ik heb van de valappeltjes uit onze boomgaard zelf appelchutney gemaakt en die gebruik ik als rijsmiddel voor het deeg van de taart. Ik heb nog nooit ergens hartige appelmoes of appelchutney in de winkel zien staan. Wellicht kun je voor dit recept toch het beste zelf een klein beetje appelchutney maken van twee flinke moesappels (gewoon de appels in stukjes gaar koken met een beetje azijn en wat zout en peper en even door de blender halen, goed af laten koelen alvorens te gebruiken) of ongezoete appelmoes gebruiken. Experimenteren in de keuken kan heel leuk zijn maar als je daar even geen zin in hebt, kun je ook de meel in het recept vervangen door zelfrijzend bakmeel of een (bak)banaan gebruiken in plaats van appelchutney. Veel succes, eet smakelijk en tot het volgende recept!

INGREDIËNTEN:
250 gram meel
125 gram margarine of kokosolie
2 opscheplepels appelchutney
eventueel wat water (als het deeg te droog blijkt)
VOOR DE VULLING:
1 prei
1 flinke winterwortel
1 kleine pompoen
1 eetlepel olie
zout, peper, kerrie, komijn (allemaal naar smaak maar ongeveer een theelepel van elk)

Wrijf de margarine (kokosolie) met de vingers door de meel tot een soort broodkruim, schep de appelchutney erdoor. Er moet een stevig bal ontstaan, soms is het wat droog, dan voeg je wat water toe. Soms is het wat vochtig, dan wat extra meel erbij. Doe het deeg in een afgesloten bak (of rol het in plastic folie) en laat het minstens een kwartier rusten in de koelkast. Verwarm de oven voor op 190* Celsius. Ondertussen de groenten fijn snijden. Het beste kun je de pompoen even voorstomen of blancheren in kokend water. Roerbak de prei, de wortel en de voorgekookte pompoen in de hete olie met wat zout, peper, kerrie en komijn. Vet een ovenschotel (of een springvorm 23 cm doorsnee, gaat ook) goed in en beleg eventueel met bakpapier, verspreid het deeg over de bodem en zijkanten en laat het overhangen. Vul het deeg met de vulling en vouw het overhangende deeg over de groente. Bak de taart in 25-35 minuten goudbruin en knapperig. Warm serveren. Extra lekker met een tomatensausje. Als je dit recept gebruikt wanneer je gasten krijgt, is het ook heel leuk om in plaats van één grote taart voor ieder een klein taartje te maken. Hiervoor kun je kleine springvormpjes gebruiken of ovenpannetjes. Let dan wel goed op de baktijd, die zal waarschijnlijk iets korter zijn!

ZUURKOOL

moestuin, veganistische recepten, zuurkool

Het commentaar dat ik het meeste  te horen krijg als ik vertel over mijn moestuinactiviteiten: je kunt toch ook gewoon groente in de winkel kopen? Natuurlijk kan dat en sterker nog: dat doe ik ook weleens! De aardappels uit eigen tuin zijn bijvoorbeeld allang op maar als ik onderstaand recept wil maken heb ik aardappels nodig. En ook witte-bonen-in-tomatensaus, tsja, ik kan natuurlijk witte bonen telen en die koken en van mijn tomaten tomatenpuree maken enzovoort maar ik kan ook gewoon in de winkel een pot witte-bonen-in-tomatensaus van Baltussen kopen. Of een ander merk dat biologische producten in de pot aanbiedt. Ik maak graag dingen zelf omdat ik dat leuk vind om te doen en omdat het lekkerder is en ook omdat ik dan precies weet wat erin zit. Als ik in de winkel iets koop, lees ik altijd zorgvuldig de ingrediëntenlijst en als er iets opstaat wat me niet bevalt, koop ik het gewoon niet! Immers: er is keuze genoeg! Maar ik zou natuurlijk wel gek zijn om niet de voordelen van deze tijd te gebruiken; mijn vader bakte altijd zelf brood. Hij was dan aan het werk als het wekkertje afging en zei dan tegen zijn patiënten in de wachtkamer: ik moet even het brood doorslaan (in de oven zetten, uit de oven halen) en ging daarna verder met zijn spreekuur. Wij bakken ook altijd zelf brood maar gebruiken daarvoor een broodbakmachine. Ik bedoel maar. Als je een moestuin hebt, ontkom je eigenlijk niet aan invriezen, wekken, jam koken en al die dingen die maken dat je verse groente en vers fruit langer kunt bewaren dan hun eigenlijke houdbaarheidsdatum. Er is nu eenmaal altijd van alles tegelijkertijd oogst klaar en daar valt eigenlijk niet tegenop te eten.
Zo zaai ik in het voorjaar altijd Filderkrautkool. Zodra ze rijp zijn voor de oogst, snijd ik ze zo fijn mogelijk en maak er zuurkool van. Dat is niet moeilijk, alleen heel bewerkelijk. De verhouding is op elke kilo kool 8 gram zout. Ik doe het meestal op de gok: ongeveer 400 gram kool, lepel zout erover heen strooien, dit herhalen tot de kool op is (of het vat vol.) De eerste drie weken moet je het elke dag stevig aandrukken. De eerste dag dat je het vat opent, komt de zuurkoollucht je al tegemoet, het is prachtig om te zien en te ruiken hoe verse kool langzaam veranderd in zuurkool. Na de eerste drie weken leg je er een zware steen op en zet je het drie weken donker en koel weg. Een kelder is natuurlijk het beste maar hier plaats ik het altijd in de kruipruimte en dat gaat ook uitstekend. Zolang de temperatuur maar laag en stabiel is en er geen zuurstof of licht bij kan komen; een goed afsluitbaar vat is onontbeerlijk. Houd er wel rekening mee dat er van de kool ongeveer twee-derde overblijft als het zuurkool is geworden. Onderstaand recept maak ik dus met zuurkool UET (=Uit Eigen Tuin) én UEV (=Uit Eigen Vat) maar je kunt dit recept ook heel goed maken met zuurkool uit de winkel. Zelf zou ik altijd voor biologische producten kiezen maar zelfs dat is niet noodzakelijk. (Al raad ik het wel aan, natuurlijk.) Verder kun je dit recept maken met appel, ananas of banaan. Ook het notenkruim bovenop kun je van verschillende noten maken of zelfs van een notenmelange. Zolang ze maar ongebrand en ongezouten zijn. Dit recept voor een ovenschotel met zuurkool is niet moeilijk maar wel vrij bewerkelijk. Ik houd van ovenschotels; je kunt ze van tevoren klaarmaken en de oven aanzetten een drie kwartier voor je wilt gaan eten en je hebt er verder geen omkijken meer naar. Dit recept is voor vier personen dus wij eten er altijd twee dagen van en dat is wel zo fijn als ik weinig tijd heb om te koken. Veel plezier met koken en tot het volgende recept!

INGREDIËNTEN
500 gram zuurkool
500 gram aardappelen
2 flinke uien
het wit van 2 stronkjes prei (het groen van de prei gebruik ik voor soep; dat recept komt een volgende keer!)
1 blikje ananas (of 1 appel of 2 bananen)
1 pot witte-bonen-in-tomatensaus (400 gram)
75 gram noten (naar keuze of gemengd)
scheutje (zonnebloem)olie
100 gram margarine of kokosolie
zout, peper, gember (vers of poeder)
1 kopje vruchtensap (als je ananas uit blik gebruikt, neem je het sap daarvan. Anders een kopje appelsap bv. Liever geen rood sap, dat kleurt de zuurkool zo raar)

Schil en kook de aardappels goed gaar. Verhit de olie en de margarine (kokosolie) Snijd de ui en de prei fijn en bak ze in de hete olie. Voeg gember(poeder) beetje zout en peper en het vruchtensap toe. Spoel de zuurkool even kort met koud water en leg het bovenop het ui-preimengsel, laat even staan om aan elkaar te wennen. Pureer ondertussen de aardappels met een beetje margarine en wat zout tot een luchtige puree. Hoe sneller je dat doet, hoe luchtiger het wordt/blijft. Lang stampen maakt de puree plakkerig, snel werken is dus aanbevelenswaardig. Vet een ovenschotel in met wat margarine, kokosolie of andere olie en leg het zuurkoolmengsel onderin. Daarbovenop leg je plakjes ananas (appel, banaan) en daarop de witte-bonen-in-tomatensaus. Daarbovenop komt de aardappelpuree en tot slot strooi je daaroverheen het notenkruim. Dit kun je heel makkelijk maken door de noten even kort door de keukenmachine te halen maar je kunt het ook goed doen met een koksmes. Daarvoor moet je wel een beetje handigheid met een groot mes bezitten. Je kunt ook de noten in een schone doek leggen en er flink op slaan met een deegroller. (Dat helpt ook goed om ongewenste agressie kwijt te geraken.) De schotel gaat een half uur, drie kwartier in een oven van 180* Celsius.

wortel-kokossoep

moestuin, veganistische recepten

Het is 1 januari 2015. Ik heb gisteren, vorig jaar dus eigenlijk, twee goede voornemens geformuleerd. Ten eerste wil ik ervoor zorgen dat ik meer roze kleren in de kast krijg. Nu ik niet in de gewoonte ben kleren te kopen; de meeste kleding in mijn kast zijn krijgertjes, weet ik niet zo goed hoe  ik dat voornemen moet verzilveren. Maar het tweede voornemen was het beginnen van een blog en na hier en daar wat advies te hebben gevraagd, ziet u hier mijn eerste stukje. Mijn bedoeling is dit blog te vullen met veganistische recepten. Zelf eet ik eigenlijk altijd uit mijn eigen moestuin en dus met de seizoenen mee, maar u kunt deze recepten heel goed maken met groente uit de winkel en in elk gewenst seizoen. U zult merken dat veganistisch eten niet alleen heel lekker en licht is, het is ook goed voor het geweten. Daarover later vast meer.

Vandaag wil ik beginnen met een heerlijke soep die zowel lunchgerecht als voorgerecht  kan zijn. Ik ben zelf dol op soep, het is lekker warm in je buik, het geeft troost en een extra cachet aan elke maaltijd. Het recept is makkelijk en snel klaar dus ik zou zeggen: aan de slag en eet smakelijk!

INGREDIËNTEN

  • 500 gram winterwortel
  • 1 blik kokosmelk (400 ml.)
  • 1 teentje geelwortel (=verse kurkuma)
  • 40 gram kokosroom
  • 1 flinke ui
  • 1 theelepel kerrie, snufje zout, 2 kruidenbouillonblokjes,
  • eventueel takje verse dille (gedroogde dilletoppen kan ook) en wat kokosrasp

Snijd de wortel  en de ui  in grove stukken. Kook ze gaar in de kokosmelk, samen met de geelwortel,  kerrie, zout en dille.  Als de wortel bijna gaar is de kokosroom erbij en nog even door laten koken. Kokosroom smelt moeilijk dus even goed blijven roeren! Haal de pan van het vuur en haal alles door de blender of door een roerzeef. Tot slot de bouillonblokjes erbij, nog even op het vuur onder voortdurend roeren en heet serveren. Op het bord of in de soepkom wat kokosrasp eroverheen strooien.

Eet smakelijk! Ik hoop dat u ervan geniet en tot het volgende recept.